Informatie voor werkgevers en P&O

Ongewenst gedrag in de beveiliging

Ga terug naar Arbocatalogus

Incidenten en lastig en agressief gedrag kosten onnodige tijd en energie. Medewerkers kunnen er gespannen van raken, verliezen plezier in hun werk en kunnen er psychische klachten van krijgen of ziek worden. Dat is niet goed voor de medewerker, de opdrachtgever en de ondernemer. Het kan leiden tot verzuim en verloop van goede krachten. Geweld en agressie kunnen ook het imago van uw bedrijf beschadigen.

Er zijn verschillende soorten van hinderlijk gedrag en agressie:

Hinderlijk/Lastig gedrag

Hieronder verstaan we treiteren, pesten, negeren, uitschelden, beledigen, afspraken niet nakomen, discriminerende of ongewenste opmerkingen bedoeld om te intimideren. De één vindt dit gedrag sneller ongewenst dan de ander, dat is vaak persoonlijk. Ook stelen valt onder deze categorie.

Agressief gedrag

Boosheid, angst, psychose, bravoure, drank en drugs zijn redenen waarom mensen gedreven worden tot agressief gedrag. Agressief gedrag heeft tot doel schade toe te brengen. Dikwijls gaat het om schade aan personen. Uitingen van lichamelijke agressie gericht op personen zijn: slaan, spugen, schoppen, vastgrijpen, bijten, duwen, stompen en bekogelen met voorwerpen. In deze gevallen wordt lichamelijk geweld gebruikt. Ook het vernielen van eigendommen is agressief gedrag.

Bedreiging

Dit is het dreigen met - in de meeste gevallen - lichamelijk geweld of de dood, tegen een persoon, zijn naasten of eigendommen. Bedreigingen kunnen op verschillende manieren worden geuit en zijn soms heel subtiel. Een bedreiging is vaak intimiderend en beangstigend.

Hinderlijk gedrag en agressie: wat moet je ermee?

De werkgever moet aantonen dat hij echt actief bezig is met het voorkomen van lastig gedrag, agressie en geweld, dat hij plannen maakt en uitvoert, deze plannen evalueert en bijstelt. De Arbowet schrijft voor dat de werkgever aan de slag moet met het beperken hiervan. Er zijn grofweg drie momenten waar de werkgever zich op kan richten.

  1. Preventief: Welke maatregelen nemen wij om incidenten te voorkomen?
  2. Signaleren
  3. Nazorg: Welke opvang moeten we regelen?

Wat regelen we preventief?

Preventieve maatregelen zijn maatregelen die voorkomen dat situaties met agressie en geweld zich voordoen. De arbeidsomstandigheden van de medewerkers moeten in orde zijn. Dit check je door de RI&E (risico-inventarisatie en -evaluatie), die speciaal voor de branche is ontwikkeld, uit te voeren.

Advies:
Vul de RI&E samen met beveiligers in en maak samen het Plan van Aanpak. De RI&E kunt u gebruiken als basis voor een structurele en beleidsmatige aanpak. Deze is wettelijk verplicht.

Er is een digitale RI&E ontwikkeld voor de branche. Klik HIER voor meer informatie en om een bedrijfsaccount aan te vragen.

Veiligheid vormgeven

Onderwerpen die horen bij het voorkomen van incidenten:

Werken met elektronische maatregelen

Medewerkers beschikken over goed werkende alarmsystemen:

  • De werking ervan wordt regelmatig gecontroleerd
  • De werking wordt geoefend met de opdrachtgever

Uw medewerkers kunnen een noodknop gebruiken, waarna de centrale contact kan opnemen met de politie.

Investeren in arbeidsmiddelen

Van belang is dat medewerkers in veilige bedrijfswagens rijden en dat je het wagenpark regelmatig laat controleren op veiligheid. Medewerkers dienen ook veilige en goed werkende communicatiemiddelen tot hun beschikking te hebben. Zorg dat de apparatuur up-to-date blijft.

Afspraken met politie, brandweer en GG&GD

  • Wat gebeurt er als je een overvalknop indrukt? De politie komt niet zomaar; je moet schriftelijke toestemming hebben en de alarmcentrale moet in het bezit zijn van een kopie daarvan.
  • Weet iedereen wat er moet gebeuren? De afspraken met politie, brandweer en GG&GD moeten helder zijn voor je medewerkers, de centralist, en de opdrachtgever.
  • Heb je bij de politie een vaste contactpersoon of bijvoorbeeld contact met een wijkagent? Overleg eens per jaar met de contactpersoon en bespreek wat jouw mensen tegenkomen. Kijk welke punten je gezamenlijk kunt verbeteren. Vier ook wat goed gaat.

Opleiding sociale vaardigheden

Door onhandig te communiceren kan agressie versterkt worden. Door goed te communiceren kan ongewenst gedrag verminderd worden. De basisopleiding beveiliger besteedt aandacht aan sociale vaardigheden die nodig zijn voor het werk.

Veiligheid bij de opdrachtgever

Er wordt gewerkt op de locatie van de opdrachtgever. Om veiligheid te garanderen moet er met de opdrachtgever gesproken worden over:

  • Huisregels
  • Contractafspraken
  • Veiligheidsplan
  • Terreininrichting
  • Inbraakpreventie
  • Cameratoezicht

Huisregels

De beveiligers kennen de huisregels bij de opdrachtgever. De huisregels worden zichtbaar voor bezoekers opgehangen.

Overleg en contractafspraken

Werken medewerkers in onveilige situaties die relatief eenvoudig te beïnvloeden zijn door de opdrachtgever? Hier kun je door registratie achterkomen. Als het goed is, kom je als werkgever voor je mensen op. Daarom is het belangrijk hierover met de opdrachtgever afspraken te maken.

Veiligheidsplan

  • Zijn er bij de opdrachtgever geld of waardevolle goederen te vinden?
  • Heeft de opdrachtgever een veiligheidsplan?
  • Zijn je medewerkers van de afspraken en maatregelen op de hoogte?
  • Hebben ze ermee geoefend mét de opdrachtgever?
  • Je medewerkers moeten van de maatregelen en afspraken op de hoogte zijn. Je wilt er, met de opdrachtgever, mee geoefend hebben om te kijken of alles naar behoren werkt.

Terreininrichting

  • Is er sprake is van overzicht, orde en netheid?
  • Is het terrein vrijgehouden van beplanting die het zicht belemmert?
  • Is er duidelijke bewegwijzering en routing?
  • Staan containers in een aparte ruimte, zodat ze niet gebruikt kunnen worden als 'ram' of als opstap naar een raam?
  • Is op het terrein sprake van goede verlichting?

Inbraakpreventie

Kennen de beveiligers het sluitplan en het sleutelplan van de opdrachtgever? En de kassa-instructie?

Cameratoezicht

Is het cameragebruik bekend bij de medewerkers?

Tip:
Vul de RI&E samen met beveiligers in en maak samen het Plan van Aanpak. De RI&E kun je gebruiken als basis voor een structurele en beleidsmatige aanpak. Deze is wettelijk verplicht.

Registreren

Welke maatregelen die gezamenlijk zijn getroffen, blijken onvoldoende te werken? Wat moet er worden veranderd om het veiliger te maken? Wie heeft hierin de leiding?
Om hierachter te komen moet je als bedrijf een registratie bijhouden. Registreren is het bijhouden van incidenten en kenmerken van die incidenten. Je weet dan waarmee en hoe vaak je beveiligers in aanraking komen met bepaalde incidenten.

Er bestaan drie soorten registratieformulieren: een turfstaat, een incidentregistratieformulier en een incident-afhandelingsformulier.

Voor iedereen, beveiligers en directe leiding, moet duidelijk zijn:

  • wat je als incident beschouwt;
  • dat incidenten geregistreerd worden;
  • op welke plek het registratieformulier te vinden is;
  • dat ze bij de directe leiding aan kunnen kloppen als ze iets willen melden over een incident;
  • wie de map met formulieren beheert.

De directie besluit wie de formulieren verzamelt, analyseert en - met regelmaat - terugkoppelt aan de medewerkers. Mensen blijven alleen maar registreren als ze zien dat er ook wat mee gebeurt.

Als je registreert, krijg je informatie over je eigen situatie, een overzicht van de belangrijkste knelpunten in de eigen praktijk, en de gelegenheid die knelpunten aan te pakken.

Stem registratieformulieren en werkwijzen zo veel mogelijk op elkaar af. Periodiek evalueren van incidenten draagt ertoe bij dat de opdrachtgever zich aan de afspraken houdt.

Eventueel kunnen deze afspraken ook toegevoegd worden aan het Plan van Aanpak van de RI&E. Zo maak je duidelijk wie wat doet, ook voor de Arbeidsinspectie.

Nazorg?

Opvang na incidenten

Opvang binnen het bedrijf werkt goed als iedereen weet wat te doen. In de regel geeft de direct leidinggevende aandacht aan medewerkers die te maken hebben gehad met incidenten. Wanneer je mensen elders werken, is het dus zaak te weten te komen wat er is gebeurd. Bespreek dit met de opdrachtgever. In de brochure voor beveiligers en leidinggevenden staan tips.

Organiseer hulp en communiceer het met de medewerkers

Afhankelijk van de afspraken van het bedrijf met derden zijn er verschillende mogelijkheden:

  • Afspraken binnen bedrijf over traumaopvang, bedrijfsmaatschappelijk werk of psychologische hulpverlening. Of maak gebruik van het collectieve contract van de Beveiligingsbranche.
  • Heeft u een contract met een arbodienst? Bespreek de voorwaarden over opvang.
  • Elk slachtoffer van een misdrijf, verkeersongeval of ramp kan terecht bij Slachtofferhulp Nederland. Voor informatie kijk op:  www.slachtofferhulp.nl

Evalueer de nazorg jaarlijks

De directie of P&O-medewerker bepaalt of de opvang voldoet. Vraag aan medewerkers hoe nazorg kan worden verbeterd en regel dit in. Vaak kan dit weer leiden tot preventieve maatregelen.

© Copyright 2021 Beveiligingsbranche.nl - Disclaimer - Privacybeleid